MAASTRICHT - Het onthouden van de nodige (medische) zorg aan 134 honden en andere dieren waaronder vogels, paarden en ezels. Dat is waar twee verdachten uit Maria-Hoop zich vandaag voor moesten verantwoorden bij de rechtbank in Maastricht. De gezondheid en het welzijn van met name de honden was ernstig geschaad.

Eerste inspectie

De misstanden kwamen aan het licht door onder meer een melding van mogelijke inteelt van een van de hondjes. Daarop volgde in 2021 een inspectie. Ter plaatse constateerde de inspectie dat de verdachten verschillende diersoorten hielden. Vastgesteld werd dat vrijwel alle verblijven van de dieren waren vervuild met ontlasting. De honden, maar ook de andere dieren, hadden geen voer of (schoon) water. Meerdere honden waren angstig, hadden onvoldoende bescherming tegen slechte weersomstandigheden en lagen in te kleine nachthokken voor de hoeveelheid honden. Tijdens deze inspectie werd ook een hond gezien met een grote wond op zijn rug en werden dode kippen en duiven aangetroffen. Gelet op de aangetroffen situatie concludeerden de politie en de dierenarts dat de dieren niet werden verzorgd door personen die over de voor die verzorging benodigde kennis en ervaring beschikken. In totaal zijn bij deze inspectie 79 honden in beslag genomen en de nodige maatregelen opgelegd.

Tweede en derde controle

Een maand later, bij de her-controle, leek het erop dat aan de meeste opgelegde maatregelen was voldaan. Toch was de conclusie van de dierenarts opnieuw dat de gezondheid en het welzijn van de dieren werd benadeeld. Naar aanleiding van onder meer een nieuwe melding vond in september 2021 een derde controle plaats. Ook bij deze controle verklaarde de dierenarts dat met name aan de honden de nodige zorg was onthouden en dat het welzijn van de honden en pups ernstig was aangetast. Bij deze inspectie werden alle 55 aanwezige honden meegenomen.

strafeis

Voor de zoon eiste de officier van justitie een werkstraf van 180 uur en voor de moeder een werkstraf van 50 uur. Voor beide verdachten eiste de officier daarnaast een voorwaardelijke gevangenisstraf van 6 maanden met een proeftijd van 5 jaar. Daaraan onder meer gekoppeld de bijzondere voorwaarden dat deze verdachten gedurende de proeftijd niet meer dan 5 honden mogen houden. Dit om enerzijds de ernst van de feiten uit te drukken en anderzijds om dierenleed in de toekomst te voorkomen.

De rechter doet op 12 september uitspraak in deze zaak.